onderhoud

Je meerjarenonderhoudsbegroting verdedigen in het MT: zo gebruik je sectordata als spiegel

Corporaties gaven in 2024 samen 12,1 miljard euro uit aan onderhoud, verbetering en verduurzaming. Zo gebruik je die sectorcijfers als spiegel voor je eigen meerjarenonderhoudsbegroting, zonder appels met peren te vergelijken.

RT
Redactie TenantSupport.io · Product
4 min leestijd
Steigers tegen de gevel van een appartementengebouw tijdens grootschalig onderhoud

Het is donderdagmiddag en je meerjarenonderhoudsbegroting ligt op tafel in het MT. Je directeur bladert naar de totaalregel, kijkt op en stelt de vraag die je zag aankomen: waarom stijgt dit nu al drie jaar op rij, en hoe weet ik dat we dit niet gewoon te duur doen? Je eigen cijfers kloppen. Je conditiemetingen zijn op orde, je scenario's doorgerekend. Maar op die ene vraag heb je geen antwoord uit je eigen administratie, want die gaat alleen over jouw portefeuille.

Dat is het structurele probleem van elke onderhoudsbegroting: binnen je eigen organisatie kun je hooguit complexen met elkaar vergelijken. Of je kostenstijging normaal is, te laag of juist uit de pas loopt, zie je alleen als je naast de rest van de sector gaat staan. Precies daarvoor bestaat de Aedes-benchmark, en de nieuwste editie geeft je meer munitie dan ooit.

Wat de sector uitgeeft aan onderhoud en verduurzaming

De Aedes-benchmark 2025, gepubliceerd in november 2025 over boekjaar 2024, laat zien dat corporaties samen 12,1 miljard euro uitgaven aan onderhoud, verbetering en verduurzaming. Dat is 1,5 miljard meer dan het jaar ervoor. Het aantal woningen waarin voor meer dan 10.000 euro werd geïnvesteerd steeg van 153.110 naar 192.790, en inmiddels heeft ruim een miljoen corporatiewoningen energielabel A of beter.

Die stijging staat niet op zichzelf. Volgens een analyse van Aedes groeiden de uitgaven aan onderhoud en verbetering van 8,4 miljard in 2021 naar 12,1 miljard in 2024, een stijging van 41 procent in drie jaar. Bijna de helft daarvan komt door inflatie en prijsstijgingen in de bouw- en onderhoudssector, de rest door bewuste keuzes: meer verduurzaming en kwaliteitsverbetering in een voorraad die grotendeels uit de jaren vijftig tot tachtig stamt. Van elke twaalf maandhuren gaat er inmiddels 8,3 naar onderhoud en verbetering.

Als jouw begroting de afgelopen jaren met tientallen procenten steeg, ben je dus geen uitzondering. Je zit midden in een sectorbrede beweging. Dat is de eerste zin van je verdediging in het MT.

Zo vergelijk je zonder appels met peren

Het sectorgemiddelde is een spiegel, geen norm. Wie zijn eigen kosten per woning naast de landelijke cijfers legt en daar direct conclusies aan verbindt, vergelijkt bijna altijd appels met peren. Corrigeer daarom op minstens drie punten voordat je een afwijking betekenis geeft.

Kijk eerst naar de samenstelling van je voorraad. Een portefeuille met veel naoorlogse portiekflats heeft structureel hogere onderhoudskosten dan een voorraad met veel woningen van na 2000, los van hoe goed je georganiseerd bent. Kijk daarna naar je labelmix: wie al ver is met verduurzamen, heeft de dure ingrepen achter de rug en oogst nu lagere planmatige kosten, wie nog moet beginnen heeft de piek nog voor zich. En kijk ten slotte naar wat je waar boekt. De grens tussen onderhoud, woningverbetering en investering ligt niet bij elke corporatie op dezelfde plek, en dat verschil kan een vergelijking volledig scheeftrekken.

In het benchmarkportal van Aedes kun je daarom filteren op referentiegroepen, zoals corporaties van vergelijkbare grootte. Gebruik die groep als spiegel, niet het landelijke totaal. Een afwijking van je referentiegroep zegt iets, een afwijking van het sectorgemiddelde vaak weinig.

Van spiegel naar verdedigbare meerjarenonderhoudsbegroting

Met die correcties op zak wordt je verhaal in het MT een redenering in drie stappen. Eerst positioneer je jezelf: dit geven vergelijkbare corporaties per woning uit, hier zitten wij. Daarna verklaar je het verschil met portefeuillekenmerken: onze voorraad is ouder, onze labelmix loopt achter of juist voor. En pas dan benoem je welk deel van je begroting beleidskeuze is: naar voren gehaalde verduurzaming, een hoger kwaliteitsniveau bij mutatie, een inhaalslag op installaties.

Die volgorde maakt het gesprek anders. Een directeur die alleen jouw totaalregel ziet, kan maar één vraag stellen: kan het goedkoper? Een directeur die ziet dat de sector 41 procent duurder werd in drie jaar, dat bijna de helft daarvan prijsontwikkeling is en dat jouw afwijking van de referentiegroep verklaarbaar is, stelt een betere vraag: kiezen we het juiste tempo?

Praktisch betekent dit dat je niet je hele begroting hoeft te herbouwen. Neem één A4 mee naar het volgende MT met drie cijfers erop: de kosten per woning van je referentiegroep, je eigen kosten per woning, en de drie portefeuillekenmerken die het verschil verklaren. Dat ene vel verandert de discussie van onderbuik naar onderbouwing, en dat is precies waar sectordata voor bedoeld is.

TenantSupport.io

Zelf ervaren hoe automatisch ticketbeheer voelt?

Boek een demo van 30 minuten. We laten zien hoe je AI-collega meldingen classificeert, beantwoordt en werkorders aanmaakt voor jouw portefeuille.

Al een account? Log in

Meer lezen

Gerelateerde artikelen

Alle artikelen